HÉT INFORMATIEPUNT VOOR WASSERIJEN EN STOMERIJEN

NIEUWS, KENNIS EN INFORMATIE UIT DE BRANCHE

Van vezellabel naar informatiebron: textiellabel kreeg sinds 1976 een bredere rol

Toen Textielbeheer in februari 1976 schreef over het nieuwe Textiel-artikelenbesluit, stond vooral één verandering centraal: textiel- en kledingartikelen moesten voortaan een samenstellingsaanduiding krijgen. Op het etiket moest in het Nederlands en in percentages staan welke textielvezels in het product waren verwerkt. Het artikel wees er toen al op dat deze informatie nuttig was, maar voor onderhoud en reiniging niet voldoende. Een behandelingsetiket bleef volgens het stuk onmisbaar.

In het artikel werd uitgelegd dat Nederland met de invoering van het Textielartikelenbesluit uitvoering gaf aan een Europese richtlijn en daarmee tot de laatste EEG-landen behoorde die deze regels invoerden. De redactie zag duidelijke voordelen in de nieuwe wetgeving. Zo kwam er een einde aan de wirwar van fantasie- en merknamen voor synthetische vezels en werden uniforme benamingen als polyester, acryl en polyamide voorgeschreven. Tegelijkertijd wees het artikel op de beperkingen van de samenstellingsaanduiding. Niet alle vezels hoefden afzonderlijk te worden vermeld wanneer zij slechts in een klein percentage voorkwamen, terwijl juist die vezels van invloed konden zijn op de juiste onderhoudsmethode. Ook afwerkingen, voeringen, schuimlagen, kleurstoffen, knopen en andere niet-textiele onderdelen bleven buiten de verplichte vezelaanduiding, terwijl ook deze de behandeling van een textielproduct konden bepalen. Daarom concludeerde de redactie dat een apart behandelingsetiket onmisbaar bleef.

Vijftig jaar later is de kern van die verplichting nog altijd herkenbaar. Consumenten moeten kunnen achterhalen waar een textielproduct uit bestaat. De regels zijn inmiddels grotendeels Europees geharmoniseerd en vastgelegd in Verordening (EU) nr. 1007/2011. Die schrijft voor dat textielproducten die aan consumenten worden verkocht voorzien moeten zijn van een duurzame, leesbare en goed zichtbare aanduiding van de vezelsamenstelling. Ook gelden inmiddels aanvullende voorschriften, bijvoorbeeld voor producten die niet-textiele delen van dierlijke oorsprong bevatten.

Voor onderhoudsinformatie geldt nog steeds een belangrijk onderscheid. De vezelsamenstelling is verplicht, maar een was- of behandelingsetiket is niet op dezelfde manier wettelijk voorgeschreven in de EU-textielverordening. In de praktijk blijft het onderhoudsetiket voor consumenten, wasserijen en stomerijen wel van groot belang. De bekende symbolen voor wassen, bleken, drogen, strijken en professionele reiniging zijn internationaal gestandaardiseerd in ISO 3758.

Daarmee is de constatering uit 1976 nog steeds actueel: de samenstelling zegt veel, maar niet alles over de juiste behandeling. Afwerking, voeringen, accessoires, kleur- en vormvastheid en combinaties van materialen kunnen bepalend zijn voor professioneel onderhoud.

De volgende stap wordt waarschijnlijk digitaal. De Europese Commissie werkt aan herziening van de textieletiketteringsregels, onder meer rond fysieke en digitale labels. Daarnaast introduceert de Ecodesign for Sustainable Products Regulation een digitaal productpaspoort, dat informatie over duurzaamheid, circulariteit en naleving digitaal toegankelijk moet maken.

Voor de textielverzorgingsbranche betekent dit dat het etiket belangrijker blijft worden als informatiebron, maar ook dat kritische beoordeling nodig blijft. Een label geeft richting; vakkennis bepaalt uiteindelijk hoe een artikel veilig en verantwoord wordt behandeld. ■

Lees ook

Advertentie