De Europese Commissie heeft nieuwe maatregelen aangenomen om de vernietiging van onverkochte kleding, kledingaccessoires en schoenen te stoppen. Daarmee geeft zij verdere invulling aan de Ecodesign for Sustainable Products Regulation (ESPR) en zet zij een volgende stap richting een circulaire textielsector.
In Europa wordt jaarlijks naar schatting 4 tot 9 procent van de onverkochte textielproducten vernietigd voordat ze ooit zijn gedragen. Dat zorgt voor circa 5,6 miljoen ton CO₂-uitstoot per jaar – bijna net zoveel als de totale netto-uitstoot van Zweden in 2021. De maatschappelijke en politieke druk om dit te stoppen neemt al jaren toe.
Met de nieuwe regels verduidelijkt de Commissie wanneer vernietiging nog is toegestaan, bijvoorbeeld bij veiligheidsrisico’s of ernstige productschade. Daarnaast komt er een gestandaardiseerd rapportageformat waarmee bedrijven eenvoudig kunnen aangeven hoeveel onverkochte goederen zij afvoeren als afval.
Het verbod op vernietiging gaat op 19 juli 2026 in voor grote bedrijven. Middelgrote ondernemingen volgen naar verwachting in 2030. De ESPR is sinds juli 2024 van kracht en verplicht bedrijven al om informatie te verstrekken over onverkochte consumentenproducten die zij weggooien.
De boodschap uit Brussel is helder: hergebruik en recycling moeten de norm worden. Voor de textielsector betekent dit versneld inzetten op circulaire bedrijfsmodellen, betere voorraadbeheersing en nieuwe afzetkanalen. Vernietiging van nieuwe kleding past niet meer in het Europese duurzaamheidsbeleid.
Bron: Europese Commissie